GroenLinks stelt met PvdA vragen over kunst
30-11-09 |
Op woensdag 18 november was ik te gast bij MuseumgoudA voor een debat over kunst en cultuur in Gouda. Eén van de meest confronterende momenten was Henri Boere die als Halfgouda.nl schrijver enkele beelden liet zien en zich beklaagde over het onderhoud en gebrek aan actie van de gemeente.
Naar aanleiding van die bijeenkomst ben ik aan de slag gegaan. Omdat ook Anita Engbers van de PvdA aanwezig was hebben we samen de volgende schriftelijke vragen ingediend:
Op 9 december volgt het antwoord. De foto is afkomstig van het prachtige Goudse fotoblog Halfgouda.nl.Geacht College van B&W,
op woensdag 18 november organiseerden MuseumgoudA en de Firma van Drie een debatavond over kunst en cultuur. In de inleiding werden enkele schrijnende voorbeelden genoemd van kunstwerken in de openbare ruimte die beschadigd en verwaarloosd is, vergezeld van het verwijt dat op klachten geen reactie van de gemeente komt. Namens GroenLinks en de Partij van de arbeid willen ondergetekenden op basis van artikel 38 van de verordening op de werkzaamheden van de gemeenteraad het volgende weten van het college:
1. Op welke manier is het onderhoud en herstel van kunstwerken in de openbare ruimte op dit moment geregeld?
2. Is hiervoor budget en/of personeel beschikbaar?
3. Op de forumavond werd gesproken over een inventarisatie van kunstwerken in de openbare ruimte, die ook gebruikt kan worden ten behoeve van onderhoud. Hiervoor is immers toestemming van de kunstenaar en specifieke materiaalkennis nodig. Is het college bekend met deze inventarisatie? Zo ja, wordt deze ook bijgehouden en gebruikt?
4. De specifieke kunstwerken die werden genoemd zijn de Phoenix van Carcasso op het Oranjeplein, en het beeld van een Ram op de hoek Spoorstraat/Boekekade/Kleiwegplein. Op welke termijn valt een oplossing voor deze beschadigde beelden te verwachten?
5. De molen op het stationsplein werd op de forumavond ook genoemd. Weliswaar is dit geen kunstwerk, maar de uitstraling is vergelijkbaar. Het wijkteam Nieuwe Park heeft al eens voorgesteld om de molen weg te halen en het beeld van de gebroeders Crabeth te verplaatsen van de fietsenstalling voor het station naar de plek van de molen. Wat voor oplossing overweegt het college?
6. Is het college met ons van mening dat kunst in de openbare ruimte bijdraagt aan een betere uitstraling van onze stad, en daarom goed onderhouden dient te worden?
In afwachting van uw antwoord,
Met vriendelijke groet,
Michel Klijmij-van der Laan (GroenLinks)
Anita Engbers (PvdA)
Visie van de fractie op de cultuurnota
14-07-08 |
Over de Goudse cultuurnotaEr is geen extra geld beschikbaar, maar we willen wel de inhoudelijke richting van het Gouds cultuurbeleid voor de komende jaren vaststellen. De vraag is of dat wel kan en of het in deze nota ook gebeurt. Als er al een richting uit de nota spreekt, is dat er een van ‘we doen het nog zo slecht niet, laten we houden wat we hebben’. De benchmark met andere gemeenten laat zien dat we ietsjes bovengemiddeld zijn en dat we meer ‘cultuur’ hebben dan regel lijkt te zijn voor een stad met 70.000 inwoners. Wat dat betreft is ook een troostend woord op zijn plaats. Het is langzaamaan regel geworden dat als gemeenten in een benchmark er als ‘bovengemiddeld’ uit komen, dat dan ook een bezuinigingsronde wordt gestart. Daarvoor is niet gekozen en dat is pure winst. Ook de besluiten die volgen uit de nota bevestigen het beeld dat het vooral gaat om ‘houden wat we hebben’. Dat wordt het duidelijkst als we kijken naar de besluiten. Ze gaan over weinig en zouden in een uitvoeringsnota niet misstaan. Ze zeggen weinig tot niets over onze ambities, ze zeggen nog minder over de keuzes die we willen maken. Behalve dan dat we er voor kiezen om vooral vast te houden wat er is. Aan het opstellen van de nota is een uitgebreid interactief traject vooraf gegaan. Achteraf is vast te stellen dat de vele insprekers iets gemeen hebben. Ze willen allemaal als organisatie meer doen en hebben daar meer geld voor nodig. En als dat extra geld er niet komt, is dat naar hun mening een gemiste kans. Terugkijkend kun je de vraag stellen of er wel sprake is geweest van een interactief traject. In zo’n traject gaan partijen met een ‘open mind’ met elkaar het gesprek aan. Nu is het toch te veel een gesprek geweest waarbij de ene partij de wensen inbrengt en de andere partij (de gemeente) ze opschrijft en daarna als niet betaalbaar afvoert. Daarnaast hebben we afgelopen week ook kennis kunnen maken met een nieuwe metafoor. Die van het bos. De culturele instellingen zien zich zelf als een boom en allen samen vormen ze een bos. In een bos is voor iedere boom wel plaats, zo stellen ze. En we zijn getuige geweest van de onderlinge afspraak dat bomen geen kritiek op elkaar leveren. Maar wie iets van bossen weet, weet ook dat dit niet helemaal waar is. In elk bos is maar een beperkte hoeveelheid leefruimte, alleen de hoge bomen vangen het zonlicht op. Het zou aardig zijn geweest als de cultuurnota antwoord gaf op de vraag, naar wat soort bos we in Gouda nu willen hebben. Moet het een smulbos zijn, dan moet er ruimte zijn voor bomen die ‘producten’ leveren, willen we kijkbos dan gaat het vooral om het ‘hebben’ en niet om het nuttig gebruik. Of moet het bos vooral economisch verantwoord geëxploiteerd worden. Zeker In dat laatste geval is het zaak om met enige regelmaat te snoeien. Als we weten wat voor bos we willen, komt direct ook de volgende vraag aan de orde. Wat voor eisen stelt dat aan de boswachter? Waar de afzonderlijke bomen niet zeggen waar er gesnoeid moet worden, zo zeggen de bomen samen alleen maar dat het bos meer zorg nodig heeft. Ze willen een zorgzame boswachter, die met enige regelmaat extra voedingsstoffen biedt en die op gepaste momenten ruimte geeft aan een boom voor een flinke groeispurt. Cultureel ondernemerschap noemen de bomen dat. Als raad gaan we over de taakomschrijving van de boswachter (de wethouder cultuur). In de cultuurnota leggen we die taak vast en benoemen ook wat er over vier jaar bereikt moet zijn. Als we met die ogen naar de cultuurnota kijken, dan is de nota onvoldoende. Welke keuzes maakt de nota: •- Goed beheer. Laten we (globaal)houden wat we hebben. Met die keuze zijn we het eens•- Opportunisme. Rijk en provincie zijn sponsors met wisselende opvattingen. We komen ze waar nodig tegemoet. We passen het verhaal over wat we willen aan de criteria aan. Ook daarmee zijn we het eens•- All pigs are equal, but some pigs are more equal. Een aantal voorzieningen geven we daarom een aparte status: de basisvoorziening. De idee spreekt aan, maar de invulling niet. We komen daar op terug. •- De boswachter als de regisseur van het bos. Een overdreven idee van wat een boswachter kan bereiken. We kiezen voor een andere invulling. GroenLinks vult het anders in. Wat zijn onze keuzes: •- Kies voor ecologisch verantwoord beheer. Koester daarbij de diversiteit. Alleen dan zijn alle ingrediënten er die nodig zijn om tot iets moois te komen. •- Zet in op partnerschappen. Cultuur is doen en meedoen, is maken en meemaken. Zonder inzet van bewoners, gebruikers, producenten, vrijwilligers en sponsors is cultuur een dooie letter. •- Wees terughoudend met het aanwijzen van basisvoorzieningen. Het is ooit bedacht binnen Optima Forma, maar de idee wat een basisvoorziening moet zijn is eigenlijk nooit goed uitgewerkt. De nota maakt er subsidiecategorieën van en dat spreekt ons niet aan. •- Regisseer minder en stimuleer meer. Gedraag je minder als regisseur maar meer als sponsor. Vanuit die sponsorrol kun je het filmhuis een eenmalige bijdrage geven, kun je bijdragen aan evenementen, amateurverenigingen een stimulans geven enz., De cultuurnota zet de basisvoorzieningen heel erg centraal. Er worden nu zelfs vier categorieën basisvoorzieningen bedacht. Daarbij is vooral de eerste categorie wel heel bijzonder. Een basisvoorziening van de ‘eerste categorie’ is zodanig belangrijk dat deze niet mag omvallen (tenminste dat stelt de nota). Maar dat betekent niet dat deze ook steun moet krijgen. Zo kun je bijvoorbeeld als muziekschool basisvoorziening zijn als je het naambordje op de deur hebt staan, en achter de deur aan minstens een leerling een uur les geeft. Maar je kunt ook – als Firma van Drie – heel blij zijn dat je nu basisvoorziening wordt en toch geen subsidie krijgen. Je bent ‘waardevol’ en mag het verder zelf uitzoeken. Als we zelf invulling moeten geven aan dat begrip dan komen we tot een andere benadering. •1. Een basisvoorziening biedt een fundament voor groei en ontwikkeling aan anderen. Is een vertrekpunt meer dan een eindpunt. Een mooi voorbeeld is de ontwikkeling van kaarsjesavond naar Gouda bij kunstlicht, een ander voorbeeld is museum GoudA van doodse verzamelplaats naar een levendige ontmoetingsplaats met banden met de firma van drie, de st. Jan en de Goudse Glazen. Een nog onvoldoende uitgewerkte basisvoorziening is het oude stadhuis. Maar misschien komt de prijsvraag hierover met leuke suggesties. •2. Naast basisvoorzieningen kennen we basisfuncties. Dan gaat het om ‘producten’ die we voor mensen in de stad willen veiligstellen: denk daarbij aan cultuureducatie, aan kunstzinnige films, aan theater. Daarbij gaat het niet het bekostigen van de voorziening, maar om het veiligstellen van het gebruik door mensen in de stad. We kopen ‘producten’ en maken die daardoor toegankelijk. Daarbij wegen we zorgvuldig af, voor welke groepen we daarin een rol hebben. Is dat voor iedere Gouwenaar, alleen voor jongeren of vooral voor mensen met een kleine beurs. Als er voldoende ‘markt’ is , hebben we geen rol. Als er in potentie wel een ‘markt’ is, kunnen we er voor kiezen om juist die markt te stimuleren. Muziekschool en Werkschuit vervullen in onze ogen basisfuncties. Zij zorgen voor aanbod voor bewoners van de stad en de regio. De gemeente in hier de ‘inkoper’ . Muziekschool en werkschuit zijn niet automatisch een basisvoorziening. Ze hebben wel de potentie daarvoor (zker als ze gefuseerd zijn tot kunstlokaal) maar dan moeten ze als basis voor groei en ontwikkeling van anderen kunnen dienen, van amateurverenigingen, van onderwijsinstellingen, van evenementen enz. Het zou goed zijn voor de stad als Kunstlokaal zich gaat ontwikkelen tot basisvoorziening, maar vooralsnog zijn ze dat nog niet. De basisvoorzieningen binnen dit model hebben een extra rol waar het gaat om cultureel ondernemerschap. Ze moeten elk op een eigen terrein als aanjager, stimulator, initiator, steun en netwerker optreden. Het onderscheid tussen gemeentelijke, particuliere en/of provinciale basisvoorziening is in onze ogen niet functioneel. Het gaat niet om wie ze betaalt, maar om de rol die ze vervullen in de stad. Wat dat betreft kan ook de st Jan genoemd worden als potentiële basisvoorziening. Over de rol van de boswachter (de wethouder cultuur) Opnieuw naar de rol van de boswachter (de wethouder cultuur). In de relatie tussen het bos en de boswachter is de rol van de boswachter beperkt. De voornaamste rol is weggelegd voor wat er in dat bos gebeurt. Dat maakt de kwaliteit. En dat aspect missen we in de nota. De nota gaat over instellingen en organiseren, niet over de mensen die van kunst genieten, niet over de vrijwilligers die het mogelijk maken en te weinig over de ambities van de producenten van cultuur. Dat de rol van de boswachter beperkt is, betekent echter niet dat deze onbelangrijk is. Wat zijn de kerntaken: •· Zorg dat alle ingrediënten er zijn om tot moois te komen (diversiteit zowel wat betreft deelnemers als wat betreft cultuur – denk aan jeugd- en popcultuur) •· Bepaal op welk deel je echt wil sturen wat betreft bereik en toegankelijkheid(bereik cultuureducatie, toegankelijkheid voorzieningen). Neem daar de inkooprol. •· Zorg voor een aantal sterke spelers (dat zijn je basisvoorzieningen) mooi gespreid over het cultuurveld. Verwacht dat ze een meerwaarde leveren boven hun eigen kerntaak; een opbrengst die ver uitgaat boven wat ze de gemeente kosten. Faciliteer hun cultureel ondernemerschap•· Voor het overige is het vooral het stimuleren van initiatieven. Niet door subsidies te geven, maar door een sponsorrol te pakken. Stel bijvoorbeeld een cultuurfonds in. •· Maar vooral: Wees bescheiden. Het zijn de partijen zelf die het culturele klimaat makenTot slotDe cultuurnota is naar de mening van GroenLinks teveel een uitvoeringsnota en voor zover deze invulling geeft aan de gemeentelijke regierol is dat een rol die we niet delen. Te veel sturend, te weinig stimulerend, te veel ingevuld vanuit financier en te weinig vanuit de rol van partner van de partijen in de stad. De meeste besluiten die in het kader van de cultuurnota worden voorgesteld gaan over details. Je kunt er voor zijn of tegen, maar veel maakt het niet uit. Belangrijker is dat de gemeente opnieuw gaat nadenken over de eigen rol en daar geleidelijk aan veranderingen in gaat aanbrengen. Het opstellen van een nota is in die zin slechts een begin. De echte kunst is het goed vorm geven aan de uitvoering. In die uitvoering horen wat GroenLinks betreft de volgende zaken aan bod te komen: •1. Neem de sponsorrol serieus. Onderzoek serieus de plannen van het filmhuis en wees bereid daar een eenmalige bijdrage aan te geven in de investeringskosten. •2. Het gepraat over de samenwerking tussen muziekschool en werkschuit heeft lang genoeg geduurd. Nu duidelijk is dat huisvesting in het cultureel kwartier niet te realiseren is, moet ingezet worden op het zo snel mogelijk realiseren van een definitieve gezamenlijke huisvesting. Denk daarbij ook eens aan het onderwijspark in de spoorzone. •3. Spreek als raad de steun uit voor het voortbestaan van het verzetsmuseum•4. Stop met de vele kleine subsidies. Stel een cultuurfonds in en laat dat als sponsor optreden ten aanzien van de vele initiatieven en evenementen in de stad. •5. Maak duidelijk wat je onder verhoging bereik en verbetering toegankelijkheid verstaat. Begin maar met de relatie met het onderwijs duidelijker in te vullen.
alternatieven voor het cultuurhuis
03-11-07 |
De ambities om het cultureel en havenkwartier tot ontwikkeling te brengen zijn prima. GroenLinks onderschrijft deze ambities. Dat betekent echter niet dat we ook iedere praktische vertaling van deze ambities steunen. De plannen voor een cultuurhuis in Gouda zijn daar een voorbeeld van. Het idee is goed, maar om er echt ja tegen te kunnen zeggen zal nog veel discussie en mogelijk ook aanpassing nodig zijn.
Er zijn kansen. De Jeruzalemkapel en de daarnaast gelegen schoolhoofdenwoning hebben nog geen bestemming maar zijn binnenkort wel opgeknapt en te gebruiken. In het streekarchief dat er vlak naast ligt komt ruimte vrij doordat het depot elders wordt ondergebracht. De kans om op die locaties iets nieuws te doen, moeten we niet laten lopen.
Het plan waar nu aan wordt gewerkt is om daar nieuwbouw te doen voor muziekschool en werkschuit samen en tegelijkertijd de samenwerking met bibliotheek, streekarchief en museum te versterken. Die plannen zijn inhoudelijk nog weinig uitgewerkt. Wat we wel weten is dat er veel vierkante meters nodig zijn en dat de nieuwbouw dus veel massa zal hebben. Het groen daar moet verdwijnen en het Joods poortje zal verplaatst moeten worden. Dat is even slikken. Het gaat om een groot extra budget, om veel bouwmassa, maar nog steeds weinig tot geen verhaal over of een cultuurhuis ook daadwerkelijk meer wordt dan een bedrijfsverzamelgebouw van gemiddeld genomen armlastige instellingen. Dat zou immers betekenen dat er straks een mooi gebouw staat (want bouwen op die plek vraagt wel om kwaliteit), waarvoor een hoge prijs is betaald is, en dat er instellingen inzitten die nu al nauwelijks het hoofd boven water kunnen houden. Dat betekent ook dat er jaarlijks nog een behoorlijke hoeveelheid extra geld ingestopt moet worden. Maar het betekent ook dat het nog steeds niet gaat swingen. Genoeg reden om het debat aan te gaan, zowel intern als naar buiten toe.
In de steunfractie ontstaat langzaam overeenstemming over de opstelling. Als er een hoge prijs betaald moet worden (poortje weg, groen weg, rust weg, veel extra geld) dat moet wat daarvoor in de plaats komt ook echt van superieure kwaliteit zijn. Maar de plannen zeggen nog niets over de inhoud van het cultuurhuis. Hoe kijken we daar zelf nu tegenaan? We zien nauwelijks inhoudelijke meerwaarde bij de clustering. We zien geen economische voordelen bij de clustering, we zien veel te weinig dubbel ruimtegebruik. Wel nieuwe ruimtes waarvoor geen goede programmering wordt gegeven. Wordt het cultuurhuis meteen een sterfhuis? Kan het anders, moet het anders?
Enige ideeën: Het samengaan van muziekschool en werkschuit in een centrum voor kunsteducatie is een prima idee. Er zit weliswaar alleen besparing in overhead en organisatie, maar dat is geen reden om het te laten. Maar hoe ziet hun toekomst eruit? En is die toekomst gebaat bij een nieuw gebouw achter de st Jan? We denken van niet. Beide instellingen hebben een regionale functie. Zet ze daarom op een beter toegankelijke en centrale plek. De spoorzone is daar een goede plaats voor. Dat kan het ook samen met het onderwijscluster dat daar gebouwd wordt. Maar het mag ook aan deze kant van het station. Beide instellingen moeten meer en meer hun activiteiten gaan uitvoeren in samenwerking met de brede school zowel basis als voortgezet. Dat vraagt om een andere inhoudelijke invulling en werkwijze. Beide instellingen zullen wat betreft tarieven meer en meer kostendekkend moeten gaan werken, behalve voor kennismaking, oriëntatie en ontdekking. Simpel gezegd, moet je als overheid vooral de kennismaking stimuleren en faciliteren, maar als mensen het echt als hobby gaan zien en zich daadwerkelijk willen bekwamen dan kan de bijdrage van de overheid verminderen. Voor mensen een beperkte beurs, moet dan gelijktijdig de Gouwepas en de geldterugregeling worden uitgebreid.
Dit zijn ideeën zoals ze binnen GroenLinks leven, en het is nog geen gemeentelijk beleid maar het is een richting waarin we denken en die leggen we hier maar even gewoon neer. Het betekent ook dat zowel voor muzieklessen en creativiteitsactiviteiten er ruimte moet zijn voor een meer commercieel aanbod. We moeten niet willen concurreren met de ‘pianoleraar aan huis’ of met de kunstenaar die workshops geeft buiten de werkschuit om. Museumgouda, streekarchief en bibliotheek hebben de opdracht om ons te overtuigen van de inhoudelijke meerwaarde van wat er op die locatie gaat gebeuren. Maar ze zullen daarbij – en dat geldt voor alle drie – voor de een meer dan de ander – duidelijk moeten maken hoe ze daarin nieuwe media een plek geven. Ik zie een streefarchief voor me dat grotendeels digitaal bevraagbaar is, vanachter mijn eigen laptopje. Ik zie een bibliotheek voor me die zich ook ontwikkeld tot een informatie en debatcentrum en ik zie museum Gouda ook de stap naar vandaag zetten. Bij al deze drie ontwikkelingen hebben nieuwe media een rol. Een cultuurhuis (sorry maar de naam is het wat mij betreft nog steeds niet ) moet swingen. Daar moet oploopjes mogelijk zijn, daar moeten aantallen op af komen, dat moet telkens ander publiek kunnen aantrekken.
Als ik ga googleen kom ik in combinatie met een cultuurhuis ook telkens film tegen. Waarom niet het filmhuis onderbrengen op deze locatie. Dat biedt ook meer mogelijkheden voor dubbel ruimte gebruik omdat de filmzalen gebruikt overdag ook gebruikt worden door archief, museum en bibliotheek, filmzalen lenen zich ook prima voor optredens, muziek en debat. Het idee dat een filmzaal geen vlakke vloer heeft, en dat er dus niets anders in mogelijk is, is allang achterhaald. Met een schuin plafond bereik je hetzelfde effect. Wat zijn de voordelen van deze ideeën:
•o Een betere locatie voor werkschuit en muziekschool, goed bereikbaar en dicht tegen het onderwijs.
•o Minder bouwmassa waardoor groen en poortje gespaard blijven
•o Een nieuw filmhuis in het hartje van de stad, waardoor er een breed publiek bereikt kan worden
•o Voldoende mogelijkheden voor ruimtelijke samenwerking en gezamenlijke programmering tussen filmhuis, streekarchief, bibliotheek en museum
Naast deze ideeën zijn er andere mogelijk. Dat vraagt wel om het organiseren van het debat. Dat debat moet echter wel snel op gang komen. De gemeente is nu bezig met het voorbereiden van een cultuurnota, we hebben nu plannen nodig voor een andere invulling van de Jeruzalemkapel en bovenal hebben werkschuit en muziekschool op korte termijn nieuwe huisvesting nodig.
Zwijgen over cultuur
26-09-07 |
In aanloop naar het schrijven van een nieuwe cultuurnota gaat de gemeente Gouda de stad in. Mensen die betrokken zijn bij cultuur kunnen meepraten over wat zij belangrijk vinden. Dinsdag 26 september was de eerste bijeenkomst in de serie. De gemeente heeft ervoor gekozen telkens organisaties uit te nodigen die actief zijn op een aantal afgebakende onderwerpen. Afgelopen dinsdag ging het om cultureel erfgoed, beeldende kunst en bouwkunst. Dit leverde een gezelschap op dat elkaar weliswaar voor een groot deel kende maar toch op totaal verschillend vlak actief was. Raadsleden waren uitgenodigd om als toehoorder aanwezig te zijn, zodat ik braaf zwijgend, met mijn blocnootje in de aanslag, de avond heb gevolgd.
Het eerste deel van de avond werd er gewerkt aan de hand van een sterkte-zwakte analyse van de huidige situatie. De gemeente had in samenwerking met een aantal grote instellingen een voorzet gemaakt, de aanwezigen konden hierop reageren en aanvullen. In het tweede gedeelte werd de zaal in twee groepen verdeeld die moesten aangeven hoe zij als stadsbestuurders prioriteiten zouden stellen in het cultuurbeleid. Hoewel er interessante dingen gezegd zijn bleef de avond toch een beetje hangen in algemeenheden. Om scherpe en vernieuwende keuzes te maken zullen we meer de diepte in moeten.
Wie ook namens GroenLinks toehoorder wil zijn kan nog aanschuiven bij de volgende bijeenkomsten:
maandag 8 oktober: Cultuureducatie (Jeugdtheaterhuis)
woensdag 10 oktober: Amateurkunst (Jeugdtheaterhuis)
donderdag 18 oktober: Onderwijs/ Welzijn (Jeugdtheaterhuis)
maandag 29 oktober: Economie/ Toerisme (Stadhuis)
dinsdag 30 oktober: Bewoners en hun vertegenwoordigingsorganen (Antwerpseweg)
Graag even melden bij Hilde Niezen.
Intieme vaargangen
22-04-07 |
De beste manier om geld voor een project vrij te krijgen is door mooie dingen te laten zien op lokatie. Deze vrijdag was dat het project "Cultureel & Havenkwartier".
Dat de binnenstad van Gouda goud waard is werd die dag nog bewezen door de Atlas voor Gemeenten. De woonkwaliteit in nieuwe steden als Almere loopt achteruit, door het gebrek aan cultuur. De binnenstad van Gouda is niet alleen belangrijk voor toeristen, maar ook voor ons als bewoners.
Het project Cultureel & Havenkwartier is behoorlijk groot. Aan de ene kant is het overkoepelend voor de culturele instellingen in het centrum, die we het liefst herkenbaar bij elkaar hebben. MuseumgoudA, de Sint Jan, de bibliotheek, het streekarchief en de Jeruzalemkapel zitten al op een steenworp van elkaar in een mooi en rustig stuk binnenstad. Daar moeten ook de Muziekschool en de Werkschuit bij komen, in een stuk nieuwbouw in het huidige Raoul Wallenbergplantsoen. Daardoor ontstaat een bundeling van culturele instellingen die daardoor intensief samen kunnen werken, en kunnen beschikken over hard nodige nieuwe ruimte.
Bij onze wandeling door het gebied werd duidelijk dat er ook een keerzijde aan de plannen zit. Het plantsoen is een van de laatste open stukken in de binnenstad, overigens pas sinds de jaren '40 toen het klooster met burgerparticipatie werd gesloopt. In het plantsoen staat bovendien het Joodse Poortje, ooit de toegang tot het Joodse Kerkhof aan de Boelekade. Daar zullen we als gemeente dus voorzichtig mee om moeten gaan.
Naast de cultuur is water een belangrijke component. Het ideaal is om een aantal grachtjes weer open te krijgen zodat er gevaren kan worden. Dat zal nog een hoop moeite en geld kosten, want veel water is overkluisd. De watergangen zijn ook behoorlijk nauw op een aantal plaatsen. Daardoor geïnspireerd is de term "intieme vaargangen" bedacht, door de raadsleden al direct als een soort "Tunnel of Love" opgevat.
Het geheel wordt over vele jaren uitgesmeerd, en hangt ook af van sponsoring door bedrijven. Gezien de kwaliteitsimpuls die het geeft is er gelukkig wel veel interesse uit die hoek. Er is nu al het een en ander zichtbaar, zoals de opgeknapte pleinen van het museum en bibliotheek, en de beweegbare bruggen tussen Hoge en Lage Gouwe. Over enkele jaren moet het nieuwe pand voor Muziekschool en Werkschuit er staan. Hoe lang het duurt voor we ook van de binnenstad vanaf het water kunnen genieten is nog het meest de vraag. De wandeling liet zien dat we aan mooie plekjes geen gebrek hebben. Die zijn ook te voet bereikbaar. Loop eens naar het bruggetje achter het Willem Vroesenhuis bijvoorbeeld, en geniet van de rust en het water.
categorieën
- Afvalverwerking
- Armoede
- Binnenstad
- Bouwen
- Burgers
- Commissie 1
- Commissie 2
- Commissie 3
- Cultuur
- cultuurhistorie
- Dierenwelzijn
- Disco
- DWARS
- economie
- Geld
- Gemeenteraad
- Gouda
- Gouda-Oost
- Groen
- Groene Hart
- Huis van de Stad
- Internet
- Jongeren
- Kabinetsformatie
- kopenhagen
- Kunst
- Landelijk
- Media
- Milieu
- Mobiliteit
- ondernemers
- Onderwijs
- Oosterwei
- Oostpolder
- Openbaar Vervoer
- Open Standaarden
- Ouderen
- Populisme
- Provincie
- Raad
- Rijnland
- Ruimtelijke Ordening
- Software
- Spoorzone
- Veiligheid
- Verkeer
- Verkiezingen
- Voorjaarsnota
- Welzijn
- Wereld
- Westergouwe
- Wijken
- Wijkontwikkeling
- Winkelen
- Wonen
archief
- 2011
- 2010
- 2009
- 2008
- 2007
- 2006


